Sunday, November 19, 2017

X

"Zachtjes ademen, nog lichter bewegen,
ontwaak niet, het tij is nog niet gekeerd.

Wij zullen de morgenstond niet overleven.
"denk jij dat gepasseerde tijd nog eens kan passeren?"

Nee, ik denk het niet, maar ik weet zeker van wel.
Hij blijft vragen stellen die mijn dichterlijke vrijheid dichten.
De val van de nacht lijkt zwart,
maar ik ben haar toch te vaak onder ogen gekomen,

Zij klinkt streng maar het trillende in haar stem, verraad het altijd,
Zij begrijpt het en ook al schreeuwd zij moord en brand van angst, ik laat haar,
Wacht tot haar rust in de duisternis donker genoeg is om zich stiekem tegen mij aan te vleien.
Slaap mijn kind,
En als jij bang bent,
Zeg ik niets,
Ik neem je mee naar het buitenland,
Huil maar niet, slaap, slaap mijn kind."

"8X8"

"Ik gebruik ze overal,
Wil het niet altijd,
Maar ben genoodzaakt,
Probeer het te ontwijken,
Maar ver kom ik daar niet mee,
Ik zocht haar in spiegels,
In letters, in seks zonder met maar straf,
Ik zocht haar in alles wat haar me nog niet eerder gaf,
Liet het achterwegen, deuren, kerken, haar verdeelde,
Gaf haar ieder stukje op om maar af te kunnen geven, maar zelfs al wilde ik zeggen dat ik het niet aan kon zien,
Ik stond erbij en keek ernaar,
Vroeg zachtjes aan de man op het bankje, waarom hij, hen dan wilde zien,
De ogen onder ogen komen,
Op vertrouwen hebben in vertrouwen,
De liefde ook als deze niet in de meest geliefde vorm aanwezig is, alsnog altijd lief hebben,
Ik zocht haar in reizen, vingertjes wijzen en veklaringen zoeken, in de hoeken met het stof dat wij niet zien maar altijd in de lucht hangt,
Ik zoch haar overal en nergens en het liefst bij de niemand die ieder ander heet,
Wist ik veel dat zij vanzelf durven te openen bij een ik en zich laten dicht en vallen voor een jij,
Wist ik veel dat zij houden van een spiegel als zij het beeld kunnen aanschouwen, van een wij."

"Je reinste Kafka - prt. 5"

"Vlekken voor mijn ogen, het maakt niets, ik neem je mee, ongeacht.
Dat zij op jouw plek ging zitten, dat zij mijn wateren doet breken, het spijt me, denk ik, het gevoel daartussenin, haar begrijp ik niet.
Dat het belangrijkste is altijd te kunnen weten, voelen dat je de ander echt gekend hebt... Maar wij onszelf zo gemakkelijk vergeten als het laatste ding op de boodschappenlijst.
Ik weet het zeker, dat ik het je vertelde, maar heb je ooit de fotos, plaatsen, muren gezien? 
Kruip met haar mee, kind mijn kind, zij zit huiverend in het hoekje met een slaapliedje een te wezen,
Ik haal je op, ik neem je mee,
Ik haal je op, ik neem je mee,
Ik staar in de verte, ongeacht,
Luister naar het gefluiser op het ritme van de trillende handjes die langs benen wrijven, zij wiegt haar straffen gezamenlijk met haar kleine oogjes in slaap, dromen is voor lieve meisjes, jij slaapt mijn kind, mijn kind, mijn stoute stoute kind.
En als zij stiekem toch droomt, dan zeg ik niets,
Ik haal je op, mijn man, ik neem je mee, naar dromenland."

"Sunctas en asperito nostrom pedram."

"Ze was klein,
Heel klein,
Te klein,
En stapvoets voorwaards bleef achteruit kruipen,
Tot ook daar ruimte voor logica bleek,
Ze was stil,
Heel stil,
Te stil,
En fluisteren klonk al snel als schreeuwen in de oren,
De mokken mogen niet vallen, zij zullen niet breken, de luisterende, is altijd zonder, geklemd tussen koude handen,
Ze was onschuldig,
Heel onschuldig,
Te onschuldig,
En deugd bleek zwaarder dan schuld te wegen, moest gebroken onder het lot van voorbereid gedragen worden,
Dat teleurstelling gecreëerd moet worden wanneer het pad vooralsnog als een wit puntje met pindakaas, moeilijk te slikken maar altijd gesmeerd door eigen hand leek,
Wij horen te stikken op de grote boze wereld, dat is hoe kinderen klaar zijn voor morgen, ook als de dag dat zij vertrekken vandaag nog niet voor morgen op de kalender staat,
Zij was afwezig,
Heel afwezig,
Te afwezig,
Tot zij zichzelf in aanwezigheid niet langer herkende als de oude bekende van de vervreemding die eens een goede buur bleek afgestamd te zijn,
Tot zij in aanwezigheid het ontbreken van afwezig zijn durft te bevestigen, tot zij niet langer op ziekte verlof, te laat of geoorloofd afwezig staat,
Tot zij niet langer huiverig op een eindeloos uitgestelde rapportkaart van het leven wacht, om de score af te lezen,
Tot twijfelachtig, ook ruim voldoende of misschien wel goed is."