Saturday, December 26, 2020

Natuurlijk |

 "Als kind geloofde ik dat er schedel kopjes uit bomen groeiden. Dat zij zichzelf naar buiten wurmden al schreeuwend en dat het stiekem de laatste oerdriften waren van de mensen die daaronder begraven door wormen en andere beestjes aangevreten hun laatste stem meegaven in het zo goed als verteerde rottende vlees dat vermalen in de wormachtigewormdarmen dan door de wortels van de boom als voedingsbodem langzaam naar de scheuren in de bast reisde om slechts daar nog een teken van levensbelang te geven, hier ben ik."

In Kaas

 "Soms is de inhoud van de koelkast zo compleet beschimmeld dat zij uit zichzelf de prullenbak in lopen tegen mijn wil en dank in. Liggen er alleen maar bezwete T-shirts met je geur bezaaid over de vloer van vers, verst, verste verwijderd van voelen alsof je me nog altijd. Kun je door de bergen oude bonnetjes en tickets geen bloot stukje tafel meer vinden om het bord op te planten want zo veel liever zou ik daar herinneringen oogsten waar liefde bezaaid werd. Ik bewaar alles. Ik wacht tussen de stukjes ooit én mogelijk én toch niet weggegooid, voor het geval dat.

Voor het geval dat je jezelf ooit bedenkt, dat je terugkomt, de bel gaat en het jij is wie aan mij deur staat, voor het geval dat je eigenlijk weet wat je achterliet."

Vloerverwarming kan ook koud laten

 


"Ooit las ik Atwood. Gefascineerd door de vrouwenstem. Later leerde ik dat je deze als vrouw niet moet willen hebben. Vooral niet in het bedrijfsleven én al helemaal niet in het bedrijf dat literatuur heet. Dat an sich, was nog fascinerender dan de vrouwenstem zelf. Er zijn immers te veel grote mannen namen, die niets meer dan, pseudoniem voor vrouw waren, blijven, nog altijd, zijn.
We zijn zo anders in ons soortgelijk zijn.
Dat is niets, als woorden. Of stijl, kan bepleit worden.
Het ballingschap is groot, maar nooit zo groot als de eenzaamheid, de eentonigheid, de eenvoud.
Soms stel ik mij voor, doe ik mijn ogen dicht en zucht, dat ik hem was geweest, dé man was van oorsprong, er eentje op tafel kon leggen want lichaam, er bij trekken aan me geen opstapeling van stress, maar juist een ontlading van zou.
En als ik hem zijn zou, dan was ik in drie delig pak dag én nacht. Dan zou er geen lift aan mijn plan ontbreken. Dan was ieder panel mijn bevestiging van gelijk en intellect. Dan zouden zij zich geen zorgen maken over kinderwens of huwelijk. De vragen over én uw partner dan of hobbyteiten enkel voor versiering gereserveerd. Dan zou de wederhelft van maatschappelijk ongewaardeerde dienst en liefde mogen leven én was ik groots man.
Mijn grootmoeder was trots op haar mannelijkheid en zakelijkheid als vrouw bij wezen. Verstopte haarzelf haar leven lang achter koltruien en wijde leren jacks. Zij liet nagellak pas toe wanneer zeker niemand zien zou en had één stickje lippenstift nauwelijks gebruikt wel 65 jaar tellende in dienst op het toiletschap.
Het is een ingewikkelde wetenschap, hoe beide te mogen zijn. Laat staan te kunnen vieren.
Soms stel ik mij voor, doe ik mijn ogen dicht, zucht ik, met een glimlach, alsof ik zo simpel als dat de teugels zou kunnen laten vieren."

Linieart

 "Ik werd opgevoed in lijnen, toch loop ik mijn leven lang in cirkels en beweeg ik met bogen. Mijn titel is enkel een troostrede die blijft herhalen waarom de troon niet onder derrière. Het is eerlijk, eerlijk waar, hoe zou ik nu vertrouwd kunnen?

En ik ben zo gewend geraakt aan onbegrepen dat het ondertussen inclusief en bij verzending besloten.
Was er maar één landkaart die geen grid maar 'n twizzler ondergrond schonk als speelterrein.
En daar waar de praat gepreekt is, de straat weer leeg is, een kind als deeg is opengereten, daar ligt mijn spijt, vers als ochtend dauw, hart op de mauw versjouwd naar het domein van de heengegaane trein.
Toen de goede tijd nog oud was, de dochter niet altijd fout, het glas niet half leeg maar half lauw en humor meer dan simpel of stout.

Gebrand in de hand door de cent die ieder kind kent maar niet uit kan geven, gevangen in het web van circulaire condenseringscomplexementen die wij ook paniekaanval geur noemen, of soms simpelweg, zweet.

Als ik mijn schulden zou kunnen afbetalen met hoop, dan was er een boel mogelijk geweest binnen de bulk van hoarderende huisgangmakerachtige stukjes geloof waar het hart snachts op gerust en het hoofd graag op in slaap valt.

De wereld is zo moeilijk nog niet, of zij had simpeler gekunt. De pastoor zij altijd, waarom makkelijk als ingewikkeld ook kan.

Dus werkte wij in cirkels. De tafeltjes, de breuken, de staartdelingen en al het andere. De gesprekken en de wensen de verslaggeving en het verslagen wezen. Monopoly geld geldt niet in de realiteit, van grote mens moeten zijn, en wanneer wij met het hart roekeloos investeren, zijn wij onze verliezen later, voor altijd kwijt.
Er bestaat geen verlaat de gevangenis zonder te betalen, de ziel, tikt altijd af. Vanaf de seconde dat het hart begint de slaan, is het een aflopende zaak.

Wij worden gekneed op lijnen, maar de mal brak te veel, er loopt een cirkel, ook voor zij die buigen."